Waarom je kind een scherm wil: 10 redenen
- GeluksGroeiers

- 29 dec 2025
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 2 jan

Je kind kan een huis vol speelgoed hebben en tóch het liefst met een scherm spelen. Dat voelt tegenstrijdig, maar is het niet. Als je kind gewend is aan dagelijks schermgebruik, is het zelfs heel logisch. Lees hier 10 redenen waarom!
1. Verveling: het brein zoekt prikkels
Verveling voelt voor veel kinderen ongemakkelijk. Zeker als ze gewend zijn aan snelle prikkels. Een scherm geeft direct actie en beloning. Speelgoed vraagt initiatief en doorzettingsvermogen en dat zijn ze niet meer gewend in de setting van thuis.
Wat helpt:
Geef twee-drie keuzes uit ander speelgoed, geen tien.
Leg ander speelgoed zichtbaar klaar zodat starten makkelijker wordt.
Verwacht geen instant speelplezier; spel heeft aanlooptijd. Je kunt bijvoorbeeld ook eerst een paar minuten even mee doen.
2. Vermoeidheid: zelf spelen kost te veel energie
Na school of een druk moment is het brein even op. Het brein wil ‘iets makkelijks’ dat een goed gevoel geeft (de dopamineprikkels) en weet: een scherm gaat mij dit zonder moeite geven.
Wat helpt:
Eerst landen: drinken, knuffel, even niets.
Benoem wat je ziet: “Je bent moe, doe maar even rustig.”
Beslis pas daarna over wat volgt.
3. Overprikkeling: behoefte aan iets bekends
Bij te veel prikkels zoekt het brein voorspelbaarheid. Een scherm lijkt rust te geven, maar voegt prikkels toe en maakt stoppen lastiger.
Wat helpt:
Rustig, herhalend handklap spelletje.
Weinig uitleg, laag tempo - bijv. boter-kaas-eieren
Eventueel samen starten met spelen
4. Gewenning: het scherm is de standaard geworden
Als een scherm vaak de oplossing was, leert het brein dat patroon. Het is een gewoonte en iets bekends voelt comfortabel.
Wat helpt:
Bied twee tot drie andere speelgoed opties aan.
Wissel speelgoed (rotatie) of zoek samen iets uit.
Wees consistent, niet perfect.
5. Te veel ander speelgoed: keuzestress
Overvloed verlamt. Het brein haakt af en kiest het makkelijkste alternatief: het scherm.
Wat helpt:
Minder zichtbaar speelgoed.
Eén activiteit per moment centraal stellen.
Rust in de omgeving.

6. Emoties die nergens heen kunnen
Boosheid, verdriet of teleurstelling voelen groot. Een scherm dempt dat gevoel tijdelijk. Het leidt af.
Wat helpt:
Benoem de emotie zonder oplossen.
Blijf nabij.
Leid niet meteen af. Emoties verwerken is iets dat je kind van jou kan leren.
7. Overgangsmomenten zijn lastig
Schakelen vraagt vaardigheden die kinderen nog leren. Het scherm wordt een brug.
Wat helpt:
Vaste rituelen en volgorde. Een ritueel kan ook met een liedje in plaats van een scherm.
Vooraf benoemen wat komt.
Tijd en voorspelbaarheid.
8. Behoefte aan autonomie
Soms gaat het niet om het scherm, maar om zelf mogen kiezen.
Wat helpt:
Keuzes binnen duidelijke kaders.
Laat je kind bepalen hoe iets gebeurt, niet of iets gebeurt.
9. Onderstimulatie: te weinig fysieke input
Sommige kinderen hebben meer intensiteit nodig dan rustig speelgoed biedt. Een scherm met drukke filmpjes en spelletjes is dan aantrekkelijk.
Wat helpt:
Bewegen vóór spelen.
Zwaar spel: duwen, trekken, bouwen.
Buitenlucht werkt snel.
10. Jij als voorbeeld
Kinderen spiegelen. Wat jij doet bij leegte of stress, leren zij ook. Of je bent even druk, terwijl je kind verbinding zoekt.
Wat helpt:
Benoem je eigen keuzes.
Leg je telefoon zichtbaar weg.
Speel een paar minuten met je kind mee om even verbinding te maken.
Een schermvraag gaat zelden over entertainment. Het is vaak niet zo dat je kind een bepaald programma heel graag wilt zien, omdat hij/zij wilt weten hoe het afloopt bijvoorbeeld.
Het gaat over regulatie: van energie, prikkels, emoties, keuzes en verbinding.
Als je dat ziet, hoef je minder te verbieden en kan je meer begeleiden. Dat geeft rust. Voor je kind. En voor jou.
Is het scherm een groot onderdeel van jullie dagelijkste routine en lukt het niet om dit af te bouwen? Probeer dan onze gratis een week Schermtijd-Detox voor kinderen.



